|
Sneek: Martinikerk zuidzijde |
Martinikerk te Sneek
De Grote Kerk van Sneek, gewijd aan St. Martinus, werd oorspronkelijk
opgetrokken uit tufsteen in de 11e eeuw. Rond 1300 werd de kerk vergroot en voorzien van een imposant westwerk met 3
romaanse torens.
Vernieuwing van koor en schip vonden plaats vanaf 1498 in gotische stijl.
|
Martinikerk Sneek van voor 1681 |
Na instortingen in 1681 en 1682 is het westwerk afgebroken. De kerk werd 4 meter verlaagd en men probeerde
het gebouw het karakter te geven van een centraalbouw. De koepel is van 1771.
De gotische sacristie, als uitbouw aan de zuidzijde, is van 1510.
Los van de kerk staat ten zuiden van de sacristie een houten klokhuis. Oorspronkelijk werd
deze gebouwd rond 1498 en in 1767 kreeg hij zijn huidige vorm.
De metseltekens zijn van de muurgedeelten van 1498. Het grote metselteken van de 3 ruiten liep
oorspronkelijk waarschijnlijk nog verder door naar boven.
|
Sneek: Martinikerk |
Kennelijk onbelangrijk gevonden, zijn deze ruiten ontsierd door een regenpijp. Het motief liep naar boven
door.
|
Sneek: zuidzijde zijbeuk schip |
|
Sneek: zuidzijde zijbeuk schip: detail |
Eenzaam aan de noordzijde een enkelvoudige ruit.
Er is veel versteld aan de muren, zodat het heel onduidelijk is hoeveel muutekens er oorspronkelijk zijn
geweest.
|
Sneek: Martinikerk: noordzijde zijbeuk schip |
We zien dat de blauwig geglazuurde steen ook spaarzaam voorkomt verder in het metselwerk.
Zoals al eerder is opgemerkt (metseltekens pag. 1-2a) ontstaat deze glazuur, doordat de stenen werden gebakken in een
oven met zouthoudende turf.
|
Sneek: Grote kerk: noordzijde zijbeuk schip: detail |
Van de oude kerk van voor 1681 is een soort makette gemaakt door ene Wim.
Minnertsga
|
Minnertsga: dorp in het hoge noorden. |
Minnertsga is een plaats in Noord-Friesland, aan de rand van de oude Middelzee.
Het is het meest oostelijke terpdorp op de belangrijkste kwelderwal van het oude Barradeel. De terp is vanaf
de 8ste eeuw opgeworpen.
De naam van het dorp komt overigens in 1168 voor het eerst officieel aan het licht in de kerkelijke
Beneficiale boeken. Daarin wordt vermeld dat Godefridus van Rhenen, de bisschop van Utrecht, tenminste de helft van de kerkelijke
goederen van de parochiekerk ‘Minnersghae’ schenkt aan de frater Gilbert van Rudingakerke van het klooster Luntsjerk
onder Midlum. De eerst kerken waren van leem en hout, maar moesten vaak wijken voor overstromingen en storm.
De kerk is eeuwenlang verbonden geweest met de Hermana’s van het middeleeuws kasteel Grut Hermana
en later het slot Lyts Hermana. Van die familie zijn in de kerk nog prachtige zerken bewaard gebleven. Beide adelijke
staetes zijn sinds lang verdwenen.
Sinds het door de gemeentelijke herindeling bij Het Bildt werd ingedeeld, is dit het oudste dorp van de
gemeente.
In de Tegenwoordige Staat van Friesland uit 1786 is te lezen:
‘Minnertsga is het grootste dorp der Grieteny. Hier vindt men eene zwaaren Kerk en toren, weleer,
volgens de overleveringen, gediend hebbende tot eene Vuurbaak, met eene groote dubbele Kerkbuurt, en in den omtrek 40 stemdraagende
plaatsen waaronder vanouds veele Adelyke Staten zyn geweest.’
Deze grote kerk is gebouwd in 1505 als een St. Martinuskerk. De torenspits ging door blikseminslag verloren
in 1552. Daarna kwam er een zadeldak op de toren.
Dit bovenste stuk van de toren (met het zadeldak) is in 1818 nog eens geheel gerestaureerd. Na
de brand van 1947, waarbij het interieur met het Hinsch-orgel verloren ging, vond restauratie plaats en heet de kerk:
Meinardskerk, genoemd naar de weg langs de kerk.
En ook hier, tegen alle verwachting in, ontdekken we toch een maalkruis op de muur van
het kerkschip. Wat opvalt is, dat in deze travee, waarin zich dit maalkruis bevindt, voor het overige muurvlak geen kleurkeuze
van de metselstenen is toegepast. De kleuren werden door elkaar gebruikt.
In de overige traveeën van de kerk is dit juist wel gebeurd. Daar zien we regelmaat in een
gelaagde toepassing van de gele en rode kloostermoppen.
Als je van metselwerk houdt, is deze toren (en veel andere torens op de Friese klei) een juweeltje qua kleurenpracht.
|
Minnertsga (Frl). Maalkruisteken op schip aan de noordzijde v.d. kerk. |
Groot is hier het verschil tussen toren en kerkschip. De toren werd vrijuit gemetseld zonder naar de steenkleur
te kijken. Het schip werd heel netjes gelaagd gemetseld.
Opvallend is daarbij dat de travee ( aan de noordzijde), waarin zich het maalkruis bevindt, nog rondom in
willekeurige kleurkeuze gemetseld is.
|
Minnertsga: zicht op het regelmatige baksteenpatroon van het schip, zuidzijde. |
|